Een gouden kans op werk na detentie

Gepubliceerd op 11 april 2018 door Gevangenenzorg Nederland.

De Compagnie: een kans voor werknemer én werkgever

Het is een bijzondere dag voor Nick. Hij is gevangene maar krijgt vandaag een contract als lasser in het bedrijf van Marinus de Vries. “Niet uit mededogen,” zegt de directeur. “Nick heeft het echt verdiend, door zijn instelling en inzet.” Een prachtig resultaat van De Compagnie, een project waar Gevangenenzorg Nederland, een werkgevers naar binnen brengt en gevangenen hun kans kunnen pakken.

Nick had een lastige jeugd en raakte vanaf zijn 18e een aantal keren gedetineerd. Inmiddels is hij 25 en absoluut van plan om iets beters van zijn leven te maken. Daarom ging hij vorig jaar actief op zoek naar een gevangenis waar hij iets kon leren en vroeg hij om overplaatsing aan naar
Krimpen aan den IJssel. Nick vertelt: “Je kunt in Krimpen opleidingen volgen, maar eerst moet je gewoon aan het werk. Ik kwam bij metaal terecht, op de werkplaats. Daar zag ik de jongens lassen. Ik vroeg de leidinggevende of ik het ook eens mocht proberen. Ik vond het zo mooi.” Zo liet hij zien dat hij het vak echt wilde leren. Daarom mocht hij de lasopleiding volgen.  

Gedrevenheid

Diezelfde gedrevenheid had Nick nodig toen hij wat later besloot te solliciteren naar een plek op De Compagnie. De Compagnie is een speciale afdeling binnen de gevangenis in Krimpen waar gevangenen  gericht werken aan hun toekomst. De ‘compagnons’, zoals de deelnemers aan het project heten, gaan vier volle dagen per week aan het werk. Eerst in de gevangenis en, in een latere fase van hun detentie, bij een bedrijf in de buurt. Als dat kan tenminste. De arbeidsbemiddelaar van Gevangenenzorg Nederland doet zijn best om gevangenen in contact te brengen  met een werkgever, zodat ze werkervaring op kunnen doen en meer kans hebben op een baan na detentie.

Rinus de Boed is arbeidsbemiddelaar bij Gevangenenzorg Nederland. Op een dag was hij op bezoek bij De Vries Piping. De Vries is een lasbedrijf en Nick is lasser. Daarom vroeg Rinus directeur Marinus de Vries om eens naar Nicks cv te kijken. Marinus: “Het cv sprak me direct aan, dus ik wilde Nick graag ontmoeten. We maakten een afspraak bij De Compagnie. Daar hebben we gepraat, ook over Nicks achtergrond. Dat is belangrijk als je iemand in je bedrijf haalt.” Marinus nam ook een kijkje in de metaalwerkplaats van de gevangenis. “Ik wilde natuurlijk wel wat werk van Nick zien. Ik was onder de indruk van de werkstukken die hij had gelast omdat er een regelmatige structuur in zat.” Na een gesprek met de leermeester in de werkplaats besloot Marinus om Nick een werkervaringsplek te gunnen. “Toen bleek dat het klopte wat de leermeester al vertelde: Nick heeft een enorme drive om ervoor te gaan. Als iets niet lukt, dan blijft hij het proberen. Net zolang tot het wel gaat. Ik snap niet waar hij het vandaan haalt.”

Groeien

Jos den Ouden is vrijwilliger op De Compagnie en de buddy van Nick. Tijdens het tweewekelijks bezoek praten ze veel over de toekomst. Jos: “Op De Compagnie leg je de basis voor de rest van je leven. Je leven na je detentie. Daar praten we vaak over. Hoe ga je je leven straks inrichten? Daar hoort een baan ook bij. Hoe ga je met collega’s om? Wat vertel je wel? Wat vertel je niet? Dat soort zaken.” Ook Jos is onder de indruk van Nicks wil om dingen te bereiken. “Natuurlijk kreeg hij via Gevangenenzorg contact met deze werkgever, maar hij heeft er zelf een heel grote steen aan bijgedragen dat het zo fantastisch loopt. Nick zegt weleens: ‘je moet het allemaal zelf doen’. Nou, dat heeft hij hier ook echt gedaan.”
Marinus is de eerste om dat te beamen. Die positieve instelling is precies de reden waarom Nick vandaag een arbeidscontract krijgt aangeboden. Marinus: “Ik zeg het eerlijk: het is hier geen sociale werkplaats. Ik moet geld verdienen, ook aan Nick. Hij kreeg een kans omdat ik potentie in hem zag en dat heeft hij absoluut waargemaakt. Daarom mag Nick hier in elk geval tot het eind van zijn detentieperiode blijven werken. En groeien.” Nick wil niets liever, want hij is nog lang niet uitgeleerd. Hij vertelt: “Er zijn hier twee lassers, die zijn echt heel erg goed. Elke dag denk ik: dat wil ik ook kunnen. Gelukkig krijg ik van hen veel tips en trucs. Zo word ik steeds beter.” De directeur heeft er alle vertrouwen in. “Nick kan nu al trots zijn op wat hij bereikt heeft, maar hij kan zeker een nog hoger niveau behalen. Wat mij het meeste motiveert is dat ik die jongen hier zo zie groeien. Dat geeft mij echt een kick.”

Toekomst

Niet eens zo heel lang geleden had Nick geen idee hoe hij ooit een baan zou moeten vinden. En als wat. Inmiddels is hij een veelbelovend lasser mét een arbeidscontract. Wat wil hij nog meer? “Het duurt nog zes maanden voordat ik helemaal vrij ben. Dan wil ik graag op mezelf wonen en rust hebben in mijn leven. En uiteindelijk wil ik een gezin opbouwen. Gewoon naar je werk gaan, naar huis gaan, leuke dingen doen samen. Dat is mijn droom.” Door de kans die Nick bij Marinus krijgt, kan hij straks een eigen inkomen verdienen. Nick is Marinus daar erg dankbaar voor. Marinus is het daar niet mee eens: “Je hebt het allereerst te danken aan jezelf. Omdat jij je zo inzet.”

Aanrader

Marinus kan zich voorstellen dat werkgevers wat huiverig zijn om iemand met een detentieverleden in huis te halen. Dat is ook de reden dat Gevangenenzorg zowel de werkgever als de werknemer begeleiding aanbiedt tijdens de eerste zes maanden. Of langer, als het nodig is.
“Je moet het ook niet groter maken dan het is,” zegt Marinus. “Ik zie Nick niet als iemand die anders is dan anderen. Iedereen maakt fouten. Iedereen verdient een tweede kans. Nick is voor mij gewoon iemand die werk nodig heeft. En ik gun hem dat. Zo simpel is het.”

Terugkijkend is Nick wel heel blij dat Gevangenenzorg er is. “Het heeft veel voor mij betekend. Ik had nooit verwacht dat ik hier zou zitten. Dat ik een baan zou krijgen. En een toekomst. Ik vind het ook bijzonder dat ik mensen tegenkom die me echt willen helpen. Dat kende ik niet zo.” Het zijn vooral kleine dingen die het bijzonder maken. “Toen ik ziek was, kreeg ik een fruitmand!” vertelt Nick blij. “Ik had anderhalve week niet gegeten en toen kreeg ik fruit van Gevangenenzorg. Ik knapte er ineens van op. Het was echt een soort wonder.”

Was het de open houding van werkgever Marinus? Het buddy-schap van vrijwilliger Jos? Of de gedrevenheid van Nick zelf? Rinus de Boed: “Ik zie hier ook de leiding van de Heere. Hoe een jongen met een lastige achtergrond bezig is om op te klauteren. Niet alles is al op orde, maar kijk wat er nu al gebeurt. Dat is zo mooi. Nick heeft een paar keer gezeten en nu is hij op weg om een goede lasser te worden die straks het leven op kan bouwen waar hij van droomt. Gewoon huisje, boompje, beestje. En dat begint vandaag.”

Tekst: Ineke Kouwenberg

 

Terug naar het overzicht
Samen werken aan herstel. Daarom kun je altijd je vragen stellen.