‘Door Harry, mijn vrijwilliger, ervaar ik dat ik van waarde ben’

Gepubliceerd op 4 februari 2019 door Gevangenenzorg Nederland.

Wie ver reist kan veel verhalen. Dat geldt zeker voor Jos. Zijn avonturen beginnen als een sprookje, hij trouwt zelfs met een heuse prinses. Maar het verhaal eindigt met eenzame jaren in een buitenlandse cel. Sinds Jos weer in Nederland is, is de steun van de vrijwilligers van Gevangenenzorg Nederland ‘als een rode draad, die er altijd is om vast te grijpen. ’

 Jos groeit op in een compleet, maar verscheurd gezin. Hij heeft een goede band met zijn moeder, maar van zijn vader ervaart hij enkel afwijzing. ‘Dat was van kleins af aan al zo, maar toen bleek dat ik hem niet wilde opvolgen in het familiebedrijf kon ik helemaal nooit meer iets goed doen.’ De wrijving tussen vader en zoon escaleert in de puberteit zelfs zo dat Jos in een tehuis terecht komt. Daar blijkt dat hij een slimme knul is. ‘Ik heb daar vier leerjaren van de lts in één jaar ingehaald. Ik kreeg zelfs een eervolle vermelding bij m’n diploma.’ Helaas is zijn vader de grote afwezige op de diploma-uitreiking. ‘Maar mijn moeder was er wel.‘  

 

'M'n moeder was mijn steun en toeverlaat'

Eenmaal volwassen kan Jos z’n draai maar moeilijk vinden. ‘Ik had verschillende baantjes, het liep nooit echt lekker. Door de ervaringen met mijn vader was ik allergisch voor autoriteit. Dat is natuurlijk niet handig in een bedrijf.’ Dan overlijdt z’n moeder. Plotseling. Net op de avond dat Jos, tegen zijn gewoonte in, niet uitgebreid afscheid neemt omdat zijn moeder in gesprek is. ‘Ik stond thuis nog met m’n jas aan toen m’n vader belde. Hij vertelde dat m’n moeder in het ziekenhuis lag en dat het niet goed ging. Ik ben er met een noodgang naartoe gereden, maar het was te laat.’ Jos is er kapot van. ‘M’n moeder was m’n steun en toeverlaat. Ik nam altijd liefdevol afscheid van haar, met drie kusjes. Behalve die laatste keer. Ik kon dat niet verwerken.’

 

Nieuwe naam, nieuw leven

Jos is op, burn-out. Werken lukt niet meer. Hij sluit zich op achter zijn computer. Dat duurt jaren, tot hij op een goede dag helemaal klaar is met zichzelf. ‘Ik besloot m’n leven om te gooien en verantwoordelijkheid te nemen. Afspraken nakomen, goed voor mezelf te zorgen, dat soort dingen. Ik nam zelfs een nieuwe naam aan en besloot een reis te maken. Als markering van een nieuw begin.’ Dankzij het internet heeft Jos contacten over de hele wereld. ‘Een vriend nodigde me uit en zo belandde ik in een ver buitenland. Het was eigenlijk voor twee weken, maar ik voelde me daar zo thuis dat ik meteen een week bijboekte. Uiteindelijk ben ik daar gaan wonen.’

 Ver van Nederland bouwt Jos een nieuw bestaan op, hij wordt ondernemer. Met succes. En hij trouwt. Niet met zomaar iemand, zijn vrouw blijkt de dochter van de koning van een lokale stam. De familie neemt hem met een bijzondere ceremonie op in haar midden. Jos is op zijn plek en voelt zich thuis. Misschien wel voor het eerst in zijn leven.

 

'Het was een hel waar ik moest zien te overleven' 

Maar, het geluk is van korte duur. Jos doet inmiddels zaken over de hele wereld. Hoewel hij voorzichtig en alert is, blijkt zijn zakenpartner minder betrouwbaar dan hij dacht. Het gevolg is desastreus. Jos komt aan de andere kant van de wereld in grote problemen. Hij wordt veroordeeld tot een lange gevangenisstraf. Het regime in de gevangenis is extreem, misschien wel onmenselijk. ‘Het was een hel, waar ik moest zien te overleven.’ Het duurt ruim drie jaar voordat Jos wordt overgeplaatst naar Nederland om daar de straf verder uit te zitten.

 

Normale dingen

In de buitenlandse cel kon Jos geen contact hebben met zijn vrouw. Eenmaal in Nederland mag hij haar vanuit de gevangenis bellen. Er is één probleem. Het telefoonnummer staat in een mobieltje dat al ruim drie jaar ongebruikt is. In de vijf minuten die hem gegund zijn, lukt het Jos niet om de telefoon aan de praat te krijgen. Het maakt hem radeloos. De gevangenispastor ziet het. Hij raadt Jos aan contact op te nemen met Gevangenenzorg Nederland. Zo ontmoet hij zijn eerste bezoekvrijwilliger. Dat bevalt goed. ‘In de gevangenis zit je tussen criminelen die tips met elkaar uitwisselen. Daar wil ik niks mee te maken hebben. Het was fijn om met de vrijwilliger af en toe over normale dingen te kunnen praten.’

 De ervaringen tijdens de detentie in het buitenland hebben Jos emotioneel beschadigd. Hij komt  terecht in een tbs-kliniek. Daar ontmoet hij een nieuwe bezoekvrijwilliger van Gevangenenzorg Nederland: Harry. De twee bleken elkaar al een beetje te kennen, Harry legt uit hoe. ‘Via onze kerk kwam ik in contact met het werk in de gevangenis. Dat sprak me bijzonder aan. Ik heb er twee kerkdiensten bijgewoond. Dat was apart. Er zitten gasten die van een zodanige allure zijn, dat je denkt: wat doen die in zo’n dienst? Jos was er ook. Ik herinner me vooral dat hij zich heel schichtig bewoog, iemand die altijd rugdekking zocht.’

 

Bijzondere band

Harry zoekt Jos op in de kliniek. ‘Het eerste contact was wel spannend’, vertelt Harry. ‘Jos was voorzichtig. Toch hebben we direct ruim een uur volgepraat.’ Dankzij de behandeling gaat Jos zich gaandeweg wat vrijer voelen en hij wordt opener. ‘We zagen elkaar wekelijks. Waar we het over hadden? Over hoe Jos zich voelde, wat hij allemaal meemaakte en wat dat met hem deed. Zijn bijzondere levensverhaal heb ik natuurlijk ook gehoord. In geuren en kleuren. Het viel me al snel op dat Jos geen doorsnee-gedetineerde is.’

 Er is duidelijk een bijzondere band tussen de mannen. ‘Als je Harry zou kennen zou je dat niet bijzonder vinden’, zegt Jos. ‘Harry is een man die ik blindelings kan vertrouwen. In elke situatie.’ Dat  is wederzijds. Maar toch, al die bezoeken en het meeleven met iemand die het soms zo zwaar heeft, dat kan best een belasting zijn. ‘Zo ervaar ik het helemaal niet’, zegt Harry. ‘Ik ben gepensioneerd, dus ik heb alle tijd. Het is voor mij ook een soort roeping. Jos moet de mogelijkheid krijgen om herstel te vinden, hoe lang die weg voor hem ook is. Ik wil hem laten ervaren dat hij van waarde is.’

‘Mooi gezegd’, reageert Jos adrem, ‘maar je maakt één fout. Je zegt dat je het wilt, maar je doet het al. Door jou ervaar ik dat ik er mag zijn en dat ik van waarde ben.’

 

Een strohalmpje om op te leunen

De toekomst is onzeker. Jos past niet in bepaalde hokjes en is vrijgekomen zonder de gebruikelijke ondersteuning. Hij voelt zich weer in de steek gelaten. Maar niet helemaal. ‘Ik ben zo blij dat ik Gevangenenzorg achter me heb staan, waardoor ik in een onmogelijke situatie altijd weer een strohalm heb. Al kan hij mijn probleem niet oplossen, Harry is er altijd voor me en denkt mee.’

Harry is vooral dankbaar dat hij dit mag doen. ‘Het is voor mij van grote waarde als ik dat strohalmpje mag zijn, waar Jos even op kan leunen als van alles tegen zit. Het gaat niet om mij, het gaat om Jos. Dat is ook het verhaal van Jezus, die op zoek gaat in de hoek waar de klappen vallen. Zoals Hij zei: gezonde mensen hebben geen dokter nodig.’

 

Tekst: Ineke Kouwenberg

 

 

 

Terug naar het overzicht
Samen werken aan herstel. Daarom kun je altijd je vragen stellen.

NIEUWSBRIEF

Mis de ingrijpende verhalen van gevangen en hun familieleden niet.
Inschrijven voor de nieuwsbrief