“Nico wandelt zijn verleden weg”

Gepubliceerd op 31 mei 2015 door Gevangenenzorg Nederland.

Nico (56) heeft er welgeteld zeven detenties opzitten. De laatste keer kreeg hij ook een tbsbehandeling. „Toen gingen mijn ogen open. Wat ik deed was verkeerd”. Ina, medewerker van de tbs-kliniek, belde naar Gevangenenzorg Nederland. Of ze een vrijwilliger hadden die van wandelen hield? Het werd Chris (63). Voor een wandeling van vijftien kilometer draaien ze hun hand niet om. Praten gaat vanzelf. Ook vallen er soms veelzeggende stiltes. Nico weet verdraaid goed wat zijn probleem is. Hij is vastbesloten dat achter zich te laten. „Ik heb veel aan de wandelingen met Chris”. Loopt u een stukje mee?

Verdwaald
We ontmoeten elkaar in Twente. Nico woont begeleid zelfstandig op een zorgboerderij. Als ik het erf oprijd, loopt vrijwilliger Chris mij vriendelijk zwaaiend tegemoet. Nico volgt met een kan verse koffie op een dienblad. „Laten we maar in de kantine gaan zitten”, zegt Nico, „want binnen hebben ze vanavond bewonersvergadering”. Zorghond Basra volgt ons nieuwsgierig en vlijt zich languit achter de tafel, alsof hij wil zeggen: „Dat kan wel even gaan duren”. Hij krijgt daarin geen ongelijk. Nico en Chris zijn behoorlijk aan elkaar gewaagd. „Weet je nog, die eerste keer dat we gingen wandelen?”, zegt Chris met twinkelende ogen. „Nou en of”, knikt Nico, „we waren direct verdwaald. Gelukkig had jij je mobiele telefoon bij je”. Chris belde met de tbs-kliniek: „Sorry hoor, beste mensen, op de een of andere manier zijn we het spoor bijster geraakt, maar we komen eraan”. Nico moest om zes uur binnen zijn. Om half twee waren ze vertrokken. „Ja, kun je nagaan dat we geen kleine stukjes lopen. Het was trouwens de Krishnamurtiwandeling bij Ommen. Geweldig mooi. Die kunnen we iedereen aanraden”. Chris en Nico knikken eensgezind. Dan moet het wel waar zijn.

Daden
Gelukkig had het te laat komen geen consequenties. „Ik mocht toen wandelen, omdat het eigenlijk best wel goed ging met mij. Ik had een straf van drie jaar en tbs. Na de gevangenistijd in Lelystad werd ik overgeplaatst naar Balkbrug voor mijn behandeling. Nou, daar breken ze je echt helemaal af, hoor, tot je schoenen toe”, zegt Nico hartgrondig. „Ik kreeg onder andere therapie met een paard. Op een gegeven moment viel ik ervanaf. Ik lag op de grond en keek van vlakbij dat grote paard aan. Het leek wel of mijn ogen open gingen: ik lag als slachtoffer op de grond en keek zo tegen een grote dader aan. Ik wil uit respect voor mijn slachtoffers niet over mijn daden vertellen. Maar wat ik je wel wil vertellen, is dat ik toen pas ging beseffen dat het helemaal niet meeviel wat ik had gedaan. Altijd had ik gedacht: ‘dat valt wel mee’, weet je”. Zijn gezicht staat strak. Zijn open handen ondersteunen zijn woorden. Dit komt uit zijn hart. Het is zijn overtuiging geworden. „Weet je, al die detenties stelden niets voor. Ik heb zeven keer gezeten en bijna alle gevangenissen vanbinnen gezien. Maar het veranderde niets aan mij. Ik wuifde mijn daden weg”.

Herstel
Nico werd niet alleen ‘afgebroken’ zoals hij dat zo treffend noemt. Hij werd ook opgebouwd en hervond zijn eigenwaarde. „Dat deden ze ontzettend goed. Ze leerden mij bijvoorbeeld van bovenaf naar mezelf te kijken. Je lijkt zo groot, maar als je echt naar jezelf kijkt, nou, dan valt dat allemaal wel mee, hoor. Dan zie je pas hoe fout het was wat je deed”. Nico kijkt naar Chris. „Begrijp je wat ik bedoel, Chris? Ik had eerst een slecht beeld over mezelf en weinig eigenwaarde. Ik leerde bijvoorbeeld ook hoe ik reageer op situaties”. Chris knikt zwijgend en Nico vervolgt: „Door die therapie kreeg ik zelfvertrouwen en liet ik mensen uitpraten. Nou, dat was vroeger uitgesloten. Dat vind ik trouwens ook zo mooi bij Chris. Ik voel me heel prettig als hij in mijn omgeving is. Hij straalt vrede uit en praat rustig. Weet je, ik hoef me nooit te verdedigen bij hem. Ik weet dat hij over sommige dingen heel anders denkt dan ik, maar hij laat me gewoon in mijn waarde”.

Hagepreek
Chris valt even stil, maar komt dan met een mooi voorbeeld om aan te tonen dat Nico ook wel eens naar hem moet luisteren. Lachend vertelt hij een voorval tijdens een van de vele wandelingen. „Weet je nog dat je me vroeg wat ik zondag zou gaan doen?” Nico knikt grijnzend. Hij weet wat Chris gaat zeggen. „Toevallig moest ik die zondag een preek houden bij ons in de kerk, de Vergadering van Gelovigen. Ik had dat ook heel goed voorbereid en had het hier allemaal goed zitten”, wijst Chris naar zijn voorhoofd. „Dus toen Nico mij daar naar vroeg, kwam de hele preek er zo uit. En Nico maar geduldig luisteren”. Nico valt Chris bijna verontschuldigend in de rede. „Ja, maar luister even, beste vriend, ik vond dat helemaal niet erg, hoor. Ik ben van huis uit boeddhistisch en heb dus wel iets met religie. En ik wil graag ook weten waar jij mee bezig bent en hoe jij over dingen denkt, ja toch?” „Ja joh, dat weet ik ook wel”, herneemt Chris het woord. „Onze gesprekken gaan soms helemaal nergens over, maar dan ineens laten we elkaar iets van ons hart zien. En dat vind ik heel kostbaar in ons contact. Tja, dan kan het wel eens gebeuren dat je een preek van me krijgt in het bos, zeg maar een Hagepreek”, lacht Chris.

Rugzak
Nico en Chris zijn min of meer toevallig aan de wandel geraakt. „Die lange”, zegt Nico, „hij heette Herman. Die ging een keertje met me wandelen. Hij was een van de begeleiders in Balkbrug. Hij nam me mee de bossen in. Toen dacht ik, wow, dat is mooi. Dat wil ik wel meer. Maar daar had hij natuurlijk geen tijd voor. Maar omdat het zo goed ging met mij, mocht ik als snel in De Beuk wonen. Dat is een groot huis net buiten de tbs-kliniek. Daar is plaats voor twaalf cliënten. Ze werken gewoon buiten. Ik werkte bijvoorbeeld veertig uur per week bij een plantenkwekerij in Zwolle. Ik had het daar prima naar mijn zin. De tbs-kliniek regelde een wandelmaat voor mij. Op een zaterdag kwam Chris en gingen we samen wandelen”. „Kijk”, zegt Nico, die nu echt op z’n praatstoel zit, „je kunt natuurlijk wel alleen gaan wandelen, maar dat is drie keer niks. Nu kun je tegen elkaar zeggen wat je mooi vindt. We gaan altijd diep het bos is. De ene keer zoek ik een route uit, de andere keer doet Chris dat. Maar we gaan altijd samen. Dat hebben de therapeuten mij geleerd. Ze noemen dat een ‘rugzak’. Daarin zitten heel praktische adviezen. Als je iets doet, bouw dan altijd een veiligheid in en neem bijvoorbeeld iemand mee. In mijn geval werkt dat perfect!” Hij knikt voldaan.

Strijd
Tussen de regels door voel en zie je de innerlijke strijd die Nico met zichzelf voert. Met samengeknepen ogen formuleert hij dan over zijn leven op de boerderij. „Ik besef drommels goed dat ik, als ik in de fout ga, weer terug moet naar de tbs-kliniek. Eigenlijk hoor ik in de long-stay te zitten, maar omdat het goed met mij gaat en ik precies weet wat ik wel en niet moet doen, mag ik dus hier wonen op de boerderij. Ik voel me echt thuis hier. Ik werk elke dag in de tuin. Heerlijk vind ik dat, lekker in de grond wroeten. Ik ruik het leven. Ik moet niet teveel mensen om me heen hebben en ook niet teveel prikkels. En” – kijkend naar Chris – „ik verheug me altijd enorm op onze wandelingen. Alleen moet hij niet te ver willen, want dan krijg ik problemen”. Hij schiet in de lach. „Vorige keer wilde Chris zo Duitsland binnen lopen. Ik zei, ho, ho, makker, ga jij je gang, maar ik ga terug. Tja, dat hoort bij mijn leven. Ik mag de grens niet over, ook deze niet”.

Nico heet in werkelijkheid anders.

Bookmark and Share
Terug naar het overzicht
Samen werken aan herstel. Daarom kun je altijd je vragen stellen.

NIEUWSBRIEF

Mis de ingrijpende verhalen van gevangenen en hun familieleden niet.
Inschrijven voor de nieuwsbrief